De definitie van coaching Rijkers vat bovenstaande als volgt samen in zijn boek ‘Bouwen aan zelfsturende teams’: “De positie van de leidinggevende als coach in het bedrijf is die van een drievoudig dienstverlener. De kaders waarbinnen hij werkt zijn die van het individu, het team en de organisatie, waarbij hij werkt aan problemen rond leren, functioneren en werken. A.) De relatie met de medewerkers Wat zijn de consequenties voor de manager op het moment dat hij of zij kiest voor deze doelen? Rijkers beschrijft het als hij spreekt van “een drievoudig dienstverlener”. Coach zijn betekent: uzelf in dienst stellen van. Het betekent afstand doen van de rol waarin de leidinggevende wordt gezien als alwetend en almachtig en daarmee al - beslissend. De uitdagingen van coaching liggen in het naar buiten brengen van de beste kwaliteiten van de individuele medewerker en van het team, of wel in de relatie met de medewerkers. Collegialiteit, openheid, eerlijkheid en kritisch zijn, zijn hier belangrijke criteria. B. Variatie en dynamiek Kiezen voor de rol van coach is kiezen voor een dynamische functie, waarin een beroep wordt gedaan op flexibiliteit, empathie en innovatief gedrag. Als coach staat u voortdurend bloot aan nieuwe prikkels, veranderingen en ervaringen. Nieuwe systemen zullen moeten worden ontwikkeld, waarbij het functioneren van de individuele medewerker of het team beoordeeld zullen moeten worden. Een goede communicatie is hierbij onontbeerlijk. Naast vakinhoudelijke deskundigheid (er zullen altijd taken zijn die niet te delegeren zijn, omdat zij het bereik van het team overstijgen) zijn vaardigheden nodig om de medewerkers te trainen, te steunen en te stimuleren. C. Vrijheid en ontplooiing De manager als coach is iemand die zich blijft ontwikkelen, blijft leren. Hij of zij leert de medewerkers niet alleen omgaan met een grotere mate van vrijheid en zelfverantwoordelijkheid, maar zal zelf ook te maken krijgen met meer vrijheid en verantwoordelijkheid op oude en nieuwe terreinen. De vrijheid om eigen ideeën te lanceren, maar ook de verantwoordelijkheid om mensen de gelegenheid te geven te groeien en fouten te maken.
|